Een jonge eigenares in Gent liet haar badkamer volledig vernieuwen voor 13.121 euro. Kort na de afwerking begonnen de voegen uit te brokkelen, gaf het voegsel op de muren kleur af en zat de afvoer van de douche vol bouwpuin. De aannemer erkende eerst dat de vloer volledig hervoegd moest worden, maar kwam niet terug. Zijn onderaannemer bood uiteindelijk 750 euro "tot slot van alle rekeningen". Cofix liet het niet daarbij.
De situatie
De werken werden in februari 2025 afgerond, maar de eigenares weigerde de oplevering en hield het saldo van de laatste factuur in, 1.312 euro. Via berichten meldde ze de gebreken: een douche-ophanging die niet functioneerde, voegen die verkruimelden, een douchebak met krassen, afvoeren vol puin, beschadigd pleisterwerk in de trapzaal door het sjouwen met materiaal. De aannemer stelde een plaatsbezoek voor en gaf toe dat de vloer hervoegd moest worden. Daarna gebeurde niets meer.
Het technische probleem
De architect van Cofix deed in mei 2025 een afstapping, in aanwezigheid van de aannemer en zijn advocaat. Haar verslag beschreef de gebreken en zocht de oorzaak: het loskomen en afgeven van het voegsel wijst op een verkeerde mengverhouding of te vroeg en te nat afsponzen. Ze controleerde ook een piste van de aannemer, namelijk dat het voegsel vervallen zou zijn, en weerlegde ze na contact met de fabrikant: de datum op de zak was de productiedatum. Later kwam daar een gebarsten tegel bij, precies waar de voegen het slechtst waren.


Het juridische probleem
Voor een geschil van deze omvang is een volledige gerechtelijke expertise te duur en te traag. De rechtbank koos daarom, op vraag van beide partijen, voor een plaatsopneming met technische bijstand: de rechter komt zelf kijken, met een deskundige aan haar zijde. Tijdens die plaatsopneming in november 2025 kreeg de aannemer de opdracht om een technisch herstelvoorstel te doen. Het antwoord kwam van de architect van de onderaannemer, niet van de aannemer zelf en bevatte een bod van 750 euro. Daarmee verschoof de discussie van "is er een gebrek" naar "wat is een correcte vergoeding", een veel betere positie voor de bouwheer.
Wat Cofix deed
- Technisch verslag na een tegensprekelijke afstapping, zodat de gebreken en hun oorzaak vastlagen vóór de procedure.
- Dagvaarding van de aannemer voor de rechtbank van eerste aanleg, met een vordering tot herstel of vergoeding.
- Plaatsopneming met de rechter en een gerechtsdeskundige, in plaats van een lange expertise.
- Onderhandeling in stappen. Het bod van 750 euro werd afgewezen als "ondermaats". Een tweede bod en ook een derde, werd telkens onderbouwd tegengesproken met het verslag en met offertes voor het herstel. De aannemer riep zijn onderaannemer in tussenkomst en vrijwaring.
Het resultaat
In het voorjaar van 2026 kwam een globale regeling tot stand van 5.000 euro. Daarbovenop dragen aannemer en onderaannemer elk een derde van de dagvaardingskosten en de registratierechten en betalen zij samen een rechtsplegingsvergoeding aan de bouwheer. Geen jaren procederen over een badkamer, wel een bedrag waarmee het herstel betaald kan worden.
Wat je hieruit leert
- Weiger de oplevering schriftelijk en hou het saldo in zolang de gebreken niet hersteld zijn. Dat is je enige echte drukmiddel.
- Laat de oorzaak technisch vaststellen vóór je dagvaardt, met de aannemer erbij. Een tegensprekelijk verslag sluit de discussie "het ligt aan de ondergrond" of "het product was vervallen" af.
- Vraag een plaatsopneming in plaats van een expertise bij een beperkt technisch geschil. De rechter ziet het zelf, en de aannemer krijgt ter plaatse een opdracht.
Zelfde probleem? Stel zelf je aannemer in gebreke met de gratis aanmaning-tool of boek een adviesgesprek met advocaat en architect.
Lees ook: Wat te doen bij bouwfouten? · Bouwexpertise, hoe gaat dat? · Wat bij problemen bij de oplevering?


